Staalconstructies zijn heel geschikt om duurzamer te bouwen. Daarvoor is wel een andere aanpak in de keten vereist, merkt ook Kampstaal uit Emmeloord. 

Bij GB Steel Group, een groep staalverwerkende bedrijven die toeleveren aan de bouw en transportsector, is de zorg voor het milieu is de laatste jaren steeds belangrijker geworden. De groep heeft haar processen door Lloyd’s laten certificeren volgens de ISO14001 norm en heeft haar CO2 uitstoot onder de loep genomen. Met zonnepanelen, LED-verlichting en een zuiniger wagenpark heeft de groep die uitstoot sinds 2015 met 30% weten terug te dringen, terwijl in diezelfde periode de productie met 22% toenam. “Die eigen productieprocessen hebben we het eerst aangepakt, omdat we daar zelf invloed op hebben”, vertelt Bob Soetekouw, directeur van GB Steel Group. “Maar daarmee zijn we er nog niet, want duurzaam bouwen beslaat de hele bouwketen”.

Het verschil tussen lineair en circulair bouwen is dat materialen bij circulair bouwen aan het einde van de gebruiksduur worden hergebruikt. Daarbij is een aantal gradaties te onderscheiden. De meest eenvoudige vorm recycling is bij staal al heel lang de gangbare praktijk. Met de toenemende inzet van schroot bij de productie van nieuw staal ontstaat steeds minder behoefte aan de primaire grondstoffen ijzererts en kolen. Op dit moment wordt bijvoorbeeld al meer dan 80% van al het balkstaal gemaakt uit schroot. Anders dan bij beton, waarbij betongruis wordt hergebruikt onder wegen, kan de kwaliteit van het staal zelfs worden verbeterd (‘upcycling’).

Maar staal leent zich ook goed voor hoogwaardigere vormen van circulair bouwen. “Met staalconstructies ben je heel flexibel om juist die gebruiksduur van gebouwen te verlengen. De meest duurzame vorm is nog altijd om niet te bouwen, het moment van herbouw uit te stellen. Oude gebouwen kun je met staalconstructies een nieuwe functie geven, zoals we bij Perron038 hebben meegewerkt aan de transformatie van de oude stationshal tot een innovatiecentrum voor de maakindustrie. Rondom Schiphol transformeren we oude logistieke centra tot datacenters. Beide vormen zijn te typeren als hergebruik: het oude gebouw bevat nog onderdelen die hergebruikt kunnen worden in het nieuwe gebouw, zoals fundering, staalconstructies of gevels. Staalconstructies lenen zich om twee redenen goed voor transformaties: door het gebruik van bouten zijn ze te demonteren, en ook de grote overspanningen zonder kolommen die met staal te realiseren zijn, zorgen ervoor dat een gebouw langer voor verschillende functies is in te zetten.

Kampstaal en Kamplacon, beiden onderdeel van GB Steel Group, zijn ook de vaste partners van Ballast Nedam bij een bouwconcept voor parkeergarages. Onder de naam Modupark worden parkeergarages zodanig ontworpen dat ze gedemonteerd en elders opnieuw opgebouwd kunnen worden. Zo is een parkeergarage van het Reinier de Graafziekenhuis uit Delft opnieuw opgebouwd bij Dierenpark Amersfoort en wordt bij de TU Delft op dit moment een demontabele parkeergarage gebouwd. Ook bouwde Kampstaal mee aan circulair restaurant The Green House in Utrecht, dat na 15 jaar zal worden verplaatst.

“Het zijn echter niet alleen maar succesverhalen”, vertelt ook Bob Soetekouw. Naar het hergebruiken van stalen balken in andere gebouwen zonder ze om te smelten, bestaat nog weinig vraag. Anders dan bij bovenstaande voorbeelden, is lang niet altijd direct bij het ontwerp behoefte om materialen te hergebruiken. “Die behoefte moet liggen in het begin van de keten. Investeerders moeten hun rekenmodellen aanpassen en inzien dat een langere gebruiksperiode een hoger rendement op hun investering opleveren. Architecten zijn goed in staat om die behoefte te vertalen in een passend bouwontwerp. “Daar helpen we hen graag bij, want zo benutten we de kennis in de keten”, aldus Soetekouw.