Eind 2018 ondertekenden meer dan 70 organisaties het Nationaal Preventieakkoord, met als doel om Nederland gezonder te maken op drie probleemgebieden: roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik. De cijfers op dat laatste thema zijn positief. De vlag kan echter nog niet uit, zo melden vijf medeondertekenaars van het akkoord.

Daling van overmatig en zwaar drinken

“Overmatig en zwaar drinken is met zo’n 30 a 40% gedaald in de afgelopen 15 jaar. Dat is heel positief.” steekt Peter de Wolf (directeur Stichting Verantwoorde Alcoholconsumptie) van wal. Vooral onder jongeren heeft een aantal jaar geleden al een switch plaatsgevonden. Het effect daarvan ziet Dr. Van der Lely elke dag op zijn alcoholpoli: “Begin deze eeuw zagen we steeds meer jonge mensen voorbijkomen met alcoholproblemen. In sommige gevallen ook zelfs jonkies van 10, 11 of 12 jaar. Dat zien we nu gelukkig veel minder.” Die switch geldt al helemaal voor de combinatie alcohol en verkeer. Niet in de laatste plaats vanwege een iconische reclamecampagne. Rob Stomphorst, woordvoerder Veilig Verkeer Nederland: “BOB is een merk geworden waar je bij wilt horen. We zijn van 4% van de mensen die met teveel drank op alsnog achter het stuur kruipen naar 1,4% gegaan. Dit is mede te danken aan de support van de alcoholsector die ervoor zorgt dat Veilig Verkeer Nederland met promotieteams te vinden is bij allerlei festivals en politiecontroles.”

De Wolf: “Eigenlijk willen we er op dezelfde manier voor zorgen dat verantwoord alcoholgebruik ook de norm wordt buiten het verkeer. Niet drinken als je zwanger bent, niet drinken voor je 18e en als je volwassen bent met mate drinken.

Alcoholvrije dranken van kwaliteit

Maar ook het consumptiegedrag is veranderd. De Wolf: “Het is de biersector als eerste gelukt om de consument enthousiast te maken voor alcoholvrij bier. De consument wil alcoholvrije of -arme alternatieven, maar dan wél van kwaliteit. Dit zien we ook steeds meer gebeuren bij alcoholvrije wijn en alcoholvrije cocktails.” En als mensen voor de alcoholhoudende varianten kiezen, kiezen ze steeds vaker voor kwaliteit boven kwantiteit.

Positieve geluiden dus, al moet er nog wel een kanttekening geplaatst worden. Volgens De Wolf is er bij de probleemgroep een oververtegenwoordiging van jongvolwassen mannen zichtbaar. Toch zijn er bij studenten al flinke stappen gezet, meldt Charlotte Jukema van de LKvV: “Voordat wij ons aansloten bij het Preventieakkoord werd er al wat gedaan bij verenigingen op het terugdringen van problematisch alcoholgebruik. Maar sindsdien zijn we dat gaan uitbreiden. De LKvV heeft daarin een stimulerende rol, door te faciliteren in de voorlichting van en bewustwording onder de leden. Daarnaast zorgen de brouwers ervoor dat de beschikbaarheid van alcoholvrij bier enorm is vergroot.”

“Dat zien we ook in de cijfers terugkomen”, reageert De Wolf. “Ik weet dan ook zeker dat studenten nu veel minder drinken vergeleken met 20 of 30 jaar geleden.” Jukema: “Natuurlijk wordt er nog altijd gedronken. Dat hoort bij de studententijd. Maar het moet binnen de perken blijven. Mensen studeren niet meer 12 jaar lang. Je moet door die studie heen en dat gaat niet als je elke avond dronken bent. Daar wijzen ouderejaars de jongerejaars nu ook op.”

Sportverenigingen vragen om verbetering

Zoals alcohol en het studentenleven met elkaar verbonden zijn, is ook de connectie met sport onmiskenbaar aanwezig. Maar ook onder sportverenigingen ziet het NOC*NSF eenzelfde beweging richting verantwoord alcoholgebruik. Senior beleidsadviseur Lieke Vloet: “We zijn tevreden dat die ontwikkeling er is, maar moeten echt nog veel stappen zetten. Je ziet dat de morele grens verlegd is. Als nu iemand van 16 gaat drinken vinden we dat niet meer normaal. Tegelijkertijd komen sportverenigingen nog altijd slecht uit de onderzoeken met mysteryshoppers naar voren. Dat geeft wel aan dat het nog niet goed genoeg is.”

Dat veel sportverenigingen hier nog niet op de juiste manier mee om kunnen gaan is verklaarbaar. Bardiensten worden vaak gedraaid door beperkt geïnformeerde vrijwilligers en een kantineomzet is voor veel verenigingen een belangrijke bron van inkomsten.

Vloet: “Wat je op den duur zou willen is dat je als sportvereniging tevreden bent met de gezonde omgeving die je creëert en dat je daar toch nog genoeg financiën aan overhoudt. Dat daar bier tussen zit is prima natuurlijk, maar het mag niet zo zijn dat je denkt bier te moeten blijven verkopen omdat je daar veel aan verdient. Daar moet je van af.” Ook in de sport is de beschikbaarheid van alcoholvrij bier enorm toegenomen en daarnaast vervangen brouwers hun boarding rond amateursportvelden naar 0.0.

Strenger optreden

Alcoholvrije varianten kunnen het antwoord zijn, weet ook Dr. van der Lely. Toch blijft hij voorzichtig: “We moeten wel blijven nadenken. Ook 0.0 is niet gemaakt voor de jeugd. Je leert ze hiermee de smaak van bier kennen. We weten dat kinderen waar ‘nee’ tegen is gezegd later minder gaan drinken. Gewoon strenger aanpakken, dus.”